Algemene vakbegrippen

Hangtrauma

Een hangtrauma ontstaat als iemand na een val te lang onbeweeglijk in een veiligheidsharnas hangt. Na een val moet echter ook rekening worden gehouden met verder letsel.

Hoe ontstaat een hangtrauma?

De energie van de vangstoot wordt door het harnas via het bekken doorgegeven aan het lichaam van het slachtoffer. De beenlussen van het harnas oefenen een hoge druk uit op bekken en bovenbenen en drukken het weefsel samen. Als het slachtoffer bewegingsloos blijft hangen, raken de benen afgekneld. Dit leidt tot een doorbloedingsstoornis in de benen.

De slagaders die het zuurstofrijke bloed van het hart naar de benen toe vervoeren, worden dankzij hun ligging meestal niet aangetast. Maar de aders die het zuurstofarme bloed van de benen afvoeren terug naar het hart, worden samengeperst. De bloedstroom wordt sterk beperkt of komt tot stilstand.

Als het hart wel bloed naar de benen pompt, maar het bloed niet terug kan stromen, kan men zich goed voorstellen wat er na korte tijd gebeurt. Het bloed hoopt zich steeds meer op in de benen en er is minder bloed beschikbaar voor de rest van het lichaam.  Het lichaam krijgt onvoldoende bloed en zuurstof.  Door de gebrekkige toevoer lopen belangrijke organen als hersenen en hart snel schade op. Er ontstaat een levensgevaarlijke situatie. De opeenhoping van bloed in de benen leidt tot verdergaand letsel waar in dit artikel verder niet wordt ingegaan.

Het hangtrauma treedt niet plotseling op, maar ontwikkelt zich geleidelijk. Hoe langer het slachtoffer in het harnas hangt, hoe hoger de kans op doorbloedingsstoornissen. Er zijn veel factoren die een hangtrauma beïnvloeden, zowel in positieve als in negatieve zin. Over hoe snel een hangtrauma optreedt kan geen algemene uitspraak worden gedaan.

Welke maatregelen moet er worden genomen?

Redding

Na een val is een snelle redding van levensbelang. Collega’s die snel reageren en alert handelen is de eerste en meest doeltreffende maatregel tegen een hangtrauma. De noodzakelijke maatregelen worden beschreven in het reddingsplan. 112 bellen in zo’n situatie is vanzelfsprekend, maar er mag niet worden gewacht tot brandweer en hulpdiensten komen.

Eerste hulp

Zodra het slachtoffer is gered uit zijn benarde positie verleent u eerste hulp. Wat u moet doen is altijd afhankelijk van de toestand van het slachtoffer. Let altijd op behoud van de vitale functies.

Als het slachtoffer bewusteloos is en niet ademt, moet u meteen met reanimeren beginnen. Stop pas met reanimeren als de hulpdiensten dit aangeven of als het slachtoffer bij bewustzijn komt.

Is het slachtoffer bewusteloos en zijn ademhaling en bloedsomloop niet verstoord, legt u hem in een zijpositie. Controleer hierbij voortdurend op de ademhaling. Ademt het slachtoffer niet, begint u meteen met reanimeren.

Is het slachtoffer na de val en evacuatie aanspreekbaar, kunt u andere maatregelen met hem afstemmen. Verdere maatregelen en vooral de positie zijn afhankelijk van letsel en klachten. Het slachtoffer mag in geen geval verdergaan met werken of onnodig bewegen. Rustig blijven is prioriteit nummer 1. De doeltreffendheid van posities als de W-positie (knieën opgetrokken met romp rechtop) is tot nog toe niet aangetoond door onderzoek. Als eventueel ander letsel en het slachtoffer zelf het toelaten, is er niets tegen de W-positie in te brengen.

Vertragen of achterwege laten van levensreddende maatregelen is natuurlijk uit den boze.

ABS Safety adviseert regelmatig deel te nemen aan een EHBO-cursus. 

keyboard_arrow_up